Jozef Deleu, bloemlezer

Covers Groot gezinsverzenboek - samenstelling Jozef Deleu
Covers Groot gezinsverzenboek - samenstelling Jozef Deleu
Covers Groot gezinsverzenboek - samenstelling Jozef Deleu

Jozef Deleu is niet enkel dichter, uitgever van tijdschriften en cultuurpropagandist in de algemene betekenis van het woord. Als groot liefhebber van de Nederlandstalige poëzie heeft hij ook altijd grote inspanningen gedaan om die poëzie een groot publiek te bezorgen. Hij deed dat door middel van voorstellingen, maar ook door middel van bloemlezingen.

Bloemlezer Deleu is ongetwijfeld het bekendst voor zijn Groot Gezinsverzenboek. De eerste editie van dit standaardwerk dat menig Vlaming zijn liefde voor de poëzie heeft bijgebracht, verscheen in 1976. Anders dan die andere grote bloemlezer uit ons taalgebied, Gerrit Komrij, plukte Deleu niet zomaar lukraak zijn lievelingsgedichten bij elkaar. Ze zijn gegroepeerd rond de grote  thema's in het leven van ieder mens: verwachting en geboorte, de kinderjaren en de jeugd, het ontluiken van de liefde, het samenleven, het huwelijk en de vriendschap, het ouderhuis en de herinnering eraan, het verdriet om wat niet is geweest, de vragen die onbeantwoord blijven, eenzaamheid, angst, ziekte en dood. Kortom, de levensloop van de mens.

Het Groot Gezinsverzenboek kent een groot publieks- verkoopsucces. Sinds de eerste druk in 1976 werden er meer dan 80.000 exemplaren verkocht van de bloemlezing. De tijd en de maatschappij staan natuurlijk niet stil en Deleu heeft zijn collectie dan ook meerdere keren aangepast en uitgebreid. De ondertitel 'Over leven, liefde en dood' kwam steeds prominenter naar voor op de kaft en mee met de maatschappelijke veranderingen viel de klassieke notie 'gezin' weg op de kaft. De aanvankelijke collectie van 500 gedichten werd geleidelijk aan ook uitgebreid tot 600 gedichten. In januari 2021 verschijnt een nieuwe herziene editie van dit standaardwerk.

Ter gelegenheid van de 14e herziene editie in 2009 organiseerde de Vlaams-Nederlandse organisatie deBuren een gesprek met journalist Marc Reynebeau over de evoluties die de bloemlezing gedurende zijn bestaan heeft doorgemaakt.

Presentatie 14e editie van het Groot Verzenboek
Cover De 100 beste gedichten van 1999

In 1999 was Jozef Deleu voorzitter van de jury van de VSB-Poëzieprijs. In 1996 had Herman de Coninck, toen zelf voorzitter van de VSB-jury, het idee geopperd om jaarlijks een bloemlezing samen te stellen met de 100 beste gedichten van het voorbije jaar. Hij schreef daar zelf over 'Ik zou de poëzie willen populariseren zonder haar ingewikkeldheid op te geven. Eigenlijk is dat de bedoeling van al wat ik schrijf'.

In 1999 stelde Jozef Deleu zijn selectie 'beste gedichten' voor aan het publiek.

Jozef Deleu  wilde echter niet alleen de Vlamingen en Nederlanders laten kennis maken met hun poëzie. Trouw aan de visie van Stichting Ons Erfdeel, wil hij de Nederlandstalige cultuur, i.c. de Nederlandstalige poëzie ook bekend maken in het Franstalige taalgebied. Van bij de eerste afleveringen van het tijdschrift Septentrion werden er dan ook Franse vertalingen opgenomen van Nederlandstalige gedichten. Sinds 2001 presenteerde Jozef Deleu twee keer per jaargang een persoonlijke selectie van vertaalde hedendaagse Nederlandse gedichten in de rubriek Le dernier cru.

Uit die verzameling gedichten werden er naar aanleiding van de 15e verjaardag van Septentrion in 2015 50 gedichten samengebracht in de bloemlezing Un grand cru.

Cover Un Grand Cru - samenstelling Jozef Deleu

In 1975 had hij naar aanleiding van het 25-jarig bestaan van de Algemene Conferentie der Nederlandse Letteren al een bloemlezing samengesteld, waarbij een keur van dichters werden voorgesteld aan een anderstalig publiek, namelijk Een boeket van 50 Nederlandse gedichten in Engelse en Franse vertaling, samengesteld uit d tijdschriften Ons Erfdeel, Septentrion en Delta (Orion, 1975).

Cover bloemlezing Moderne Zuidafrikaanse lyriek - samenstelling Jozef Deleu

Hoewel de belangstelling van Jozef Deleu als bloemlezer hoofdzakelijk uit gaat naar de Nederlandstalige poëzie, heeft hij het Afrikaans, een van de officiële talen van Zuid-Afrika en taalkundig verwant aan het Nederlands, altijd als een zustertaal beschouwd en hij brak dan ook geregeld een lans voor de Afrikaanstalige literatuur en cultuur. Geregeld verschenen er teksten van en artikels over Zuid-Afrikaanse coryfeeën zoals Breyten Breytenbach en Antjie Krog in de door Deleu geleide tijdschriften. In 1966 stelde hij op vraag van de reeks De Bladen voor de Poëzie ook zelf een bloemlezing samen uit de Zuid-Afrikaanse (Afrikaanstalige) poëzie, Moderne Zuid-Afrikaanse lyriek. In de inleiding duidde hij de evolutie van de Zuid-Afrikaanse poëzie, voornamelijk dan die van de twintigste eeuw en elk van de opgenomen auteurs werd ook kort geïntroduceerd.